Op 15 juli heeft het Vlaams Parlement een nieuw Wapenhandeldecreet aangenomen. Het nieuwe decreet vervangt het oude wapenhandeldecreet, dat sinds 2012 van kracht was en voor het laatst werd herzien in 2017.
Waarom nu?
De hervorming werd al aangekondigd in het Vlaamse Regeerakkoord 2024-2029, waarin expliciet werd opgeroepen tot een actualisering van het kader voor de controle op de handel in militaire goederen. Het voormalige decreet werd door de defensiesector al geruime tijd bekritiseerd als een vorm van gold plating: te complex, procedureel te rigide en op bepaalde punten verdergaand dan wat de toepasselijke Europese regelgeving vereiste. Tegen de achtergrond van een snel veranderende geopolitieke context achtte de Vlaamse Regering een efficiënter en meer gestroomlijnd exportcontrolekader noodzakelijk.
Wat regelt het nieuwe decreet?
Het nieuwe decreet bevat regels inzake de controle op de handel in, overbrenging, invoer, uitvoer en doorvoer van militaire goederen, civiele vuurwapens, essentiële onderdelen en munitie.
Meer bepaald behandelt het decreet:
- Het vergunningskader, met onder meer de invoering van algemene vergunningen om het aantal individuele controles en de administratieve lasten te beperken;
- De toekenningscriteria voor vergunningen;
- Eindgebruikscontrole, met het oog op efficiëntere en meer gerichte controles die zich richten op reële risico’s;
- De handhaving van en het toezicht op de naleving van de regelgeving.
Het decreet werd uitgewerkt in overleg met vertegenwoordigers van de sector, het maatschappelijk middenveld en de betrokken overheidsinstanties. Defensiebedrijven werden bovendien rechtstreeks betrokken via een regeldruktoets, uitgevoerd in het kader van het bredere Vlaamse overheidsinitiatief Regelrecht, in samenwerking met het Interuniversitair Centrum voor Wetgevingsonderzoek.
Wat is het doel?
De doelstelling is tweeledig: enerzijds de legitieme handel in defensie gerelateerde goederen faciliteren en Vlaamse ondernemingen en onderzoeksinstellingen in staat stellen volwaardig deel te nemen aan Europese en internationale defensieprojecten, en anderzijds robuuste waarborgen behouden tegen ongewenste proliferatie en oneigenlijk gebruik. Het Europese kader wordt daarbij expliciet als leidende benchmark gehanteerd.
Het decreet is niet onopgemerkt gebleven. Het Vlaams Vredesinstituut heeft reeds zijn bezorgdheid geuit dat de verschuiving naar algemene vergunningen en een vermindering van individuele controles het toezicht zou kunnen verzwakken, met name in gevoelige dossiers zoals het bestaande Vlaamse embargo op de uitvoer van militair materiaal naar Israël.
Ongeacht hoe men tegenover deze beleidskeuzes staat, lijkt het nieuwe Wapenhandeldecreet het regelgevend landschap voor defensiebedrijven en handelaars in strategische goederen die vanuit Vlaanderen opereren aanzienlijk te zullen hertekenen. Een ontwikkeling die het verdient om nauwlettend te worden opgevolgd.
Vragen? Onze Defensie, Veiligheid & Ruimtevaart Team staat klaar om u verder te helpen.
***
Deze nieuwsbrief vormt geen juridisch advies of juridische opinie. Raadpleeg een juridisch adviseur naar keuze voordat u enige actie onderneemt op basis van de hierin opgenomen informatie.
